Oeganda 2005


Wim en Jenny Verplanke keerden in januari terug naar Gulu om te helpen met de toenemende stroom ontsnapte kindsoldaten die zich bij het rehabilitatiecentrum melden.

Gulu: 21 januari – 5 februari 2005
De teruggekeerde kindsoldaten uit Oeganda hebben ons niet losgelaten. Hoe zou het zijn in het rehabilitatiecentrum van World Vision? Via e-mail waren we in contact gebleven met de staf. We begrepen dat steeds meer kinderen ontsnapten uit het ‘Leger van de Heer’. Ook het regeringsleger kreeg meer greep op de rebellen.

Het gevolg was wel dat het steeds drukker werd aan de poort van het rehabilitatiecentrum. Hier een greep uit het registratieboek van de poortwachter:
21 januari 2005: acht kinderen uit het Guludistrict; één uit Pade; 24 januari: vier uit Gulu, één uit Pade. Op 2 februari kwamen vijftien kinderen binnen, waaronder zes baby’s die in gevangenschap waren geboren. Twee baby’s hadden geen moeder meer. Het verdriet dat uit deze cijfers spreekt konden we nauwelijks bevatten. Okelle Denis M, 14 jaar, twee jaar gevangen en een kogelwond in de nek. Het leed stapelde zich op.

Onze taak was om deze getraumatiseerde kinderen weer vertrouwen te geven. Vertrouwen in andere mensen, maar vooral in jezelf. Het duurde dan ook enkele dagen voordat we hun vertrouwen gewonnen hadden. De kennismakingsspelletjes, het parachutespelen en de verschillende rollenspelen sloegen aan. Het ‘blind’ tekenen riep een vraag op bij de staf: ‘Wat heeft dat voor zin?’ Ons antwoord was: ‘Dan is er niemand die het goed of slecht kan. Je bent allemaal hetzelfde’ Met deze tekeningen werd er dan een verhaal verzonnen als: ‘Welk dier is het? Welke naam geef je het? Welk geluid maakt het? Enz.Halverwege het project kregen we versterking van Guy en Loes Opdekamp, een Belgisch echtpaar waarvan beiden werkten in de kinderpsychiatrie. Wat goed om met zulke enthousiaste en deskundige mensen samen te werken!

We bewonderden de staf van het rehabilitatiecentrum. Naast het kinder- en jongemannenkamp was er nu ook een moeder/kindkamp ingericht. Zwangere meisjes en tiener-moeders met hun uit verkrachting geboren baby’s. Schrijnende verhalen: ‘Ik was nog een kind toen ik werd gekidnapt. Ik ben 12 jaar gevangen geweest. Ik kreeg twee kinderen, geboren in de ‘bush’. Eén is er gestorven, maar ik zorg ook voor een andere baby omdat de moeder dood ging. Ik heb nu twee kinderen aan de borst.’

We hadden, bleek later, een goede ingeving door bh’s mee te nemen om weg te geven. In alle maten, in tijgerprint, gebloemd of bont gekleurd. Het sloeg aan. ‘Nu kunnen we naar de markt, zonder er uit te zien als meisjes die net uit de bush zijn ontsnapt!’, vertrouwde één van de moeders ons toe. Wat is eigenwaarde toch belangrijk om je beter te voelen! Voor de baby’s hadden we knuffels meegenomen. Ook aan eten hebben we gedacht. We lieten drie geiten achter voor de nodige eiwitten, aanvulling op het dagelijkse menu van bruine bonen met maisbrood.

Het verlangen naar vrede is sterk.Het lied – verleden jaar door ons geïntroduceerd – wordt nog steeds gezongen. ‘Pe ilwo pien atye kwedi’

Do not fear for I am with you!
God’s mercies are new every morning
And Gulu will shine again!

Wat hebben we achter gelaten? Een staf waar veel van gevraagd wordt en een centrum boordevol getraumatiseerde kinderen. Maar ook: kinderen die trots waren op wat zij konden. Kinderen die samenwerkten en speelden. Ons doel was om de staf van het rehabilitatie centrum van World Vision inzicht te geven in de creatieve processen die genezing van getraumatiseerde kinderen kunnen bevorderen. Om dat te bereiken hadden we de staf eerst zelf alle spelletjes en het schilderwerk laten doen en daarna moest de staf het overbrengen op de kinderen. Grote hilariteit! Eigenlijk genoten zij er zelf zo van dat ze konden begrijpen dat het een goede uitwerking op de kinderen moest hebben.

Wim Engels en Jenny Verplanke

Trackback van jouw site.

Laat een reactie achter